Toegankelijkheidslinks Ga naar de hoofdinhoud
NPLW Logo. Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie
Helpdesk
Daken van woningen

Warmteprogramma

In een warmteprogramma beschrijft een gemeente de aanpak van het isoleren en aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving. Hierin staat welke wijken, buurten en dorpskernen in de komende 10 jaar van het aardgas gaan en hoe dat gebeurt. Met ingang van de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) wijzigt de Omgevingswet en verandert de naam transitievisie warmte in warmteprogramma. Op dit moment is de Wgiw nog niet van kracht. De beoogde inwerkingtreding is 31 december 2027.

Veelgestelde vragen

Wat is de clusteringmethode in strategie 3 van de Startanalyse?

De clusteringmethode is een manier waarop je kunt bepalen of het voordeliger is om een gebouw op een ZLT-net aan te sluiten of op een individuele elektrische warmtepomp. De clusteringsmethode wordt gebruikt voor de varianten in strategie 3 met een WKO (S3b, S3c, S3d, S3e, S3g en S3h) uit de Startanalyse 2025 van het Planbureau voor de Leefomgeving.

Bekijk het volledige antwoord
Wanneer is het warmteprogramma kaderstellend?

De Nederlandse wetgeving geeft geen formele definitie van ‘kaderstelling’. Op basis van jurisprudentie en Europese richtlijnen is een warmteprogramma kaderstellend als het richting geeft aan toekomstige besluiten of projecten met mogelijk aanzienlijke milieueffecten.

Bekijk het volledige antwoord
Is een warmteprogramma plan-mer-plichtig als uitsluitend all-electric-oplossingen of isolatiemaatregelen zijn voorzien?

Stelt een warmteprogramma kaders voor een andere techniek dan een warmtenet? Dan moet een mer-beoordeling uitwijzen of er sprake kan zijn van aanzienlijke milieueffecten. Is dat het geval, dan is een plan-mer verplicht. Zijn de effecten uitgesloten of kunnen ze worden voorkomen of voldoende beperkt door mitigerende maatregelen? Dan volstaat de (zorgvuldige) onderbouwing daarvan in het warmteprogramma.

Bekijk het volledige antwoord
Volstaat een plan-mer-beoordeling als in het warmteprogramma voor één wijk is gekozen voor een warmtenet en voor de rest van de gemeente voor all-electric oplossingen?

Nee, dat is meestal niet voldoende. Voor een combinatie van technieken binnen één warmteprogramma betekent dat je de zwaarste juridische verplichting (de plan-mer-plicht) moet volgen. Ook als die techniek slechts op 1 wijk van toepassing is. Dat komt doordat het warmteprogramma één gemeentebreed besluit is. Een uitzondering hierop is als sprake is van een ‘kleine wijziging op lokaal niveau’ of als het gaat om een ‘klein gebied’.

Bekijk het volledige antwoord
Moet je bij elke stap in het planproces een nieuwe plan-MER opstellen en een plan-mer-procedure doorlopen?

Bij iedere (vervolg)stap in het planproces is toetsing van de mer(beoordelings-)plicht aan de orde. Of een nieuwe plan-MER nodig is, hangt af van de aard en inhoud van het document.

Bekijk het volledige antwoord
Wat zijn de risico’s als een gemeente ondanks de verplichting geen plan-mer of plan-mer-beoordeling uitvoert?

Als een warmteprogramma kaderstellend is voor warmtetechnieken met (mogelijk) aanzienlijke milieueffecten, dan is een plan-mer of plan-mer-beoordeling wettelijk verplicht. Het overslaan van deze stap, bijvoorbeeld vanwege capaciteitsgebrek, tijdsdruk of kosten, brengt verschillende risico’s met zich mee.

Bekijk het volledige antwoord
Kun je als gemeente een milieueffectrapport hergebruiken?

Je mag gebruikmaken van informatie uit een eerdere MER. De informatie moet dan wel actueel, toereikend en passend zijn bij de fase en inhoud van het nieuwe besluit.

Bekijk het volledige antwoord
Moet mijn gemeente aan de slag met de milieueffectrapportage (mer) bij het warmteprogramma?

Gemeenten moeten aan de slag met de mer als ze concrete plannen hebben, zoals het aanleggen van een warmtenet in een wijk, en deze willen verankeren in het warmteprogramma.

Bekijk het volledige antwoord
Hoe geef je bewonersinitiatieven een plek in het warmteprogramma?

Het warmteprogramma is de start van de gebiedsgerichte aanpak warmtetransitie door de gemeente. Het warmteprogramma geeft per gebied het tijdspad aan van verduurzaming en potentieel beschikbare duurzame warmtealternatieven. Energie-initiatieven van burgers zorgen voor draagvlak in een buurt of wijk en spelen daarmee een belangrijke rol in de totstandkoming van het warmteprogramma.

Bekijk het volledige antwoord
Waarom zijn groene waterstof en groen gas samengevoegd in de Startanalyse 2025?

De 2020-versie van de startanalyse ging uit van 2 strategieën met klimaatneutrale gassen, namelijk groen gas (S4) en groene waterstof (S5). De toekomstige beschikbaarheid van zowel groen gas als groene waterstof voor de gebouwde omgeving is echter onzeker.

Bekijk het volledige antwoord
Wat doe ik als uit de startanalyse klimaatneutraal gas voor een wijk komt?

De resultaten van de Startanalyse 2025 zijn een indicatie en geen definitieve aanbevelingen. Het is dan ook belangrijk om de startanalyse te verrijken met lokale gegevens.

Bekijk het volledige antwoord
Houdt de Startanalyse 2025 rekening met de levensduur van het gasnet?

De Startanalyse 2025 houdt geen rekening met de levensduur van het gasnet. De gemeente kan hierover wel data opvragen bij de netbeheerder. Zo kun je specifiekere cijfers meenemen in de afwegingen voor de lokale warmtetransitie.

Bekijk het volledige antwoord
Is het mogelijk om randvoorwaarden in de Startanalyse 2025 in te voeren?

In de Startanalyse 2025 kun je geen lokale en meer specifieke randvoorwaarden aangeven. Bijvoorbeeld beperkt beschikbaar groen gas in het historisch centrum. De startanalyse toont de uitkomsten van een doorrekening met behulp van Vesta MAIS-model waarin nationale kentallen de basis vormen.

Bekijk het volledige antwoord
Waarom zijn sommige technieken in de Startanalyse 2025 niet doorgerekend?

De Startanalyse houdt geen rekening met specifieke situaties, die bepaalde warmteoplossingen (vooralsnog) onhaalbaar maken. Denk bijvoorbeeld aan een monumentenstatus of onvoldoende ruimte in de straat. Dit zijn specifieke belemmeringen die de gemeente het beste lokaal kan vaststellen.

Bekijk het volledige antwoord
Hoe nauwkeurig zijn de uitkomsten van de Startanalyse 2025?

De Startanalyse 2025 gebruikt nationale kengetallen als inputgegevens die een gemiddelde zijn van recent gerealiseerde projecten. Bijvoorbeeld het huidig kostenpeil voor isolatie en installaties in recente projecten. Veel van deze getallen zijn gecheckt tijdens de validatiesessies van medio 2024. Gemiddeld voor Nederland geven deze uitkomsten een goed beeld, maar er wordt geen rekening gehouden met (specifieke) lokale omstandigheden.

Bekijk het volledige antwoord
Wat verandert er met de komst van de Wet collectieve warmte (Wcw)?

De Wcw helpt de ontwikkeling van nieuwe warmtenetten te vergemakkelijken. En om betaalbaarheid, betrouwbaarheid en duurzaamheid van collectieve warmtelevering te waarborgen. Dat gebeurt onder andere door gemeenten meer regie over de warmtetransitie te geven. Zo draagt deze nieuwe wet bij aan het behalen van de opgave dat alle woningen en andere gebouwen in 2050 aardgasvrij moeten zijn.

Bekijk het volledige antwoord
Wat betekent de Wcw voor de regierol van gemeenten?

De gemeente beslist bij inwerkingtreding van de Wet collectieve warmte (Wcw) waar er een warmtekavel komt en hoe daar het warmtenet verder wordt ontwikkeld. De gemeenteraad heeft bevoegdheden onder de Wcw, maar ook onder de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw). Op basis van de Wgiw kan de gemeente straks ook aangeven waar het aardgas wordt uitgefaseerd.

Bekijk het volledige antwoord
Welke sturingsmogelijkheden krijgen gemeenten onder de Wet collectieve warmte (Wcw)?

Gemeenten krijgen een centrale rol in het besluitvormingsproces met betrekking tot collectieve warmte. Ze bepalen waar een collectieve warmtevoorziening komt en wie de collectieve warmtevoorziening kan aanleggen en exploiteren.

Bekijk het volledige antwoord
Wanneer kunnen gemeenten de aanwijsbevoegdheid inzetten om gebieden aardgasvrij te maken?

De Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) is aangenomen door de Tweede Kamer (23 april) en Eerste kamer (10 december). Hiermee krijgen gemeenten instrumenten, waaronder de aanwijsbevoegdheid. Voordat gemeenten daar gebruik van kunnen maken, moet de wetgever nog een paar stappen nemen. Zo treedt de Wgiw gefaseerd in werking. Er wordt een lagere uitvoeringsregeling (het Bgiw) uitgewerkt met verschillende instructieregels die gemeenten moeten toepassen bij het inzetten van de aanwijsbevoegdheid. De Wgiw moet nog worden gepubliceerd in het Staatsblad en per Koninklijk Besluit in werking treden.

Bekijk het volledige antwoord
Er zijn geen resultaten die overeenkomen met de geselecteerde filters. Selecteer andere filters of verwijder alle filters om alle resultaten te tonen.

Relevante praktijkvoorbeelden

De mer van Utrecht: weloverwogen keuzes en een basis voor andere gemeenten

Veel gemeenten werken aan een warmteprogramma en sommigen oriënteren zich op een bijbehorende milieueffectrapportage (plan-MER). Utrecht heeft als 1e gemeente de plan-MER afgerond. Vera Haaksma, teammanager energie-infrastructuur bij de gemeente Utrecht, vertelt: “Met onze uitgebreide plan-MER onderbouwen wij onze keuzes voor het warmtealternatief per buurt. Andere gemeenten geef ik mee: maak gebruik van wat er is.”

21-10-2025
De mer van Utrecht: weloverwogen keuzes en een basis voor andere gemeenten

De aanwijsbevoegdheid inzetten voor all-electric: hoe werkt dat?

Bergen, Uitgeest, Castricum en Heiloo (BUCH-gemeenten) werken ambtelijk samen. Zo ook aan het schrijven van de warmteprogramma’s. Anna Ankoné, projectleider warmtetransitie BUCH, vertelt hoe ze in 2 van de 4 gemeenten het voornemen om de aanwijsbevoegdheid in te zetten voor all-electric opnamen in het warmteprogramma.

14-10-2025
De aanwijsbevoegdheid inzetten voor all-electric: hoe werkt dat?

“Startanalyse voorkomt missers”

Begin je aan de Startanalyse 2025? Verdiep je er dan niet alleen in, maar doe dat samen met een aantal collega’s. Want 2 weten meer dan 1. Betrek er ook een dataspecialist bij. Groot voordeel hiervan is dat je samen de discussie kunt aangaan over tal van onderwerpen uit de startanalyse. Dat adviseert beleidsadviseur Gisela Berkers van gemeente Land van Cuijk.

08-04-2025
“Startanalyse voorkomt missers”
Bekijk alle praktijkvoorbeelden