Uitvoeringsplan warmtetransitie als vrijwillig programma
Jouw gemeente kan ervoor kiezen om het uitvoeringsplan vast te stellen als vrijwillig programma onder de Omgevingswet. Het plan krijgt dan een formele status binnen het stelsel van de Omgevingswet. Daardoor gelden er ook regels, bijvoorbeeld voor participatie en besluitvorming.
Inhoud en doel
In het uitvoeringsplan werk je de gebiedskeuzes uit het warmteprogramma uit tot een concrete aanpak voor een wijk, buurt of dorp. Door te kiezen voor een vrijwillig programma, zorg je voor een heldere procedure en een duidelijke juridische borging van het plan. Bewoners en gebouweigenaren weten daarmee wat zij in dit gebied kunnen verwachten van de aanpak en hoe je hen daarbij betreft. Dat geeft bewoners meer duidelijkheid en zekerheid over het proces en de gemaakte keuzes. Het college stelt het programma vast, zoals de Omgevingswet voorschrijft.
Voordelen voor je gemeente
- Het sluit logisch aan op het warmteprogramma. Beide vallen binnen dezelfde beleidscyclus. Daardoor kun je keuzes en onderbouwingen uit het warmteprogramma makkelijker verder uitwerken voor een wijk, buurt of dorp.
- Je kunt onderdelen hergebruiken. Onderdelen uit de plan-MER voor het warmteprogramma kun je mogelijk hergebruiken voor het uitvoeringsplan. Dat voorkomt dubbel werk.
- Je kunt participatie gerichter organiseren. Je kunt bewoners uit de wijken waarop het uitvoeringsplan betrekking heeft gefaseerd betrekken en duidelijk maken wat je met hun inbreng doet.
- Je kunt besluiten beter op elkaar afstemmen. Je kunt bijvoorbeeld de wijziging van het omgevingsplan en de vaststelling van het uitvoeringsplan via dezelfde procedure laten verlopen. Zo sluiten besluiten beter op elkaar aan en voorkom je onnodige vertraging.
- Het geeft duidelijkheid over de procedure. Het is duidelijk wie het plan vaststelt, welke eisen voor participatie gelden, welke plek het plan heeft binnen de Omgevingswet en hoe het samenhangt met latere besluiten.
Rol college en gemeenteraad
Het college van burgemeester en wethouders stelt het vrijwillige programma vast. Je kunt de gemeenteraad wel bij de voorbereiding betrekken. Zowel raad als college moet rekening houden met elkaars taken en bevoegdheden. Zie ook de kaders van het warmteprogramma.
Opbouw uitvoeringsplan
Ook als je kiest voor een vrijwillig programma, schrijft de wet geen vaste indeling voor. Je bepaalt dus zelf hoe je het programma opbouwt. Wel moet je voldoen aan verschillende inhoudelijke en procedurele regels. Deze lijken op de regels voor het opstellen van het warmteprogramma. Adviesbureau AT Osborne onderzocht in opdracht van NPLW welke vereisten gelden. Dit zijn:
- Participatieverplichtingen
- Plan-mer-beoordeling of plan-MER
- Voorbereidingsprocedure: uniforme openbare voorbereidingsprocedure verplicht in geval van plan-MER, anders ook lichtere besluitvormingsprocedure mogelijk
- Publicatie: verplicht in geval van plan-MER, anders aan te bevelen
- Bezwaar en beroep: in principe niet mogelijk
Participatie
Bij een vrijwillig programma moet je belanghebbenden betrekken bij de voorbereiding. Denk aan bewoners, bedrijven, maatschappelijke organisaties, woningcorporaties, netbeheerders en andere overheden. De wet schrijft niet precies voor hoe je dit doet. Je kiest zelf een aanpak die past bij het gebied en het onderwerp. Bij de vaststelling leg je wel uit:
- wie je hebt betrokken
- hoe je dat hebt gedaan
- wat de participatie heeft opgeleverd
- hoe je het eigen participatiebeleid hebt toegepast
Participatie krijgt zo een duidelijke plek in het proces. Als gemeente kun je gebruikmaken van de ervaring die is opgedaan bij het warmteprogramma.
Milieueffectrapportage
Als je het uitvoeringsplan als vrijwillig programma vaststelt, moet je nagaan of een milieueffectrapportage nodig is. Dat is niet bij ieder uitvoeringsplan het geval. Misschien heb je voor het warmteprogramma al een milieueffectrapport opgesteld. Je kunt informatie en onderzoek uit dat rapport hergebruiken voor het uitvoeringsplan. Je moet dan wel beoordelen of deze informatie nog actueel is en voldoende aansluit op het gebied en de maatregelen die je nu uitwerkt.
Digitaal vastleggen
Het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO) adviseert om het vrijwillige programma op te maken in het softwaretoepassingsprofiel voor programma’s. Daarmee gebruik je de digitale standaard voor programma’s onder de Omgevingswet. Je kunt het document een programma noemen, maar dat is niet verplicht.
Officieel bekendmaken
Voor een vrijwillig programma geldt geen algemene wettelijke plicht tot officiële bekendmaking. IPLO adviseert wel dringend om het programma na vaststelling officieel bekend te maken. En via de landelijke voorziening LVBB beschikbaar te stellen en te publiceren. IPLO maakt daarbij onderscheid tussen het tot stand brengen van het programma en de bekendmaking ervan. De bekendmaking volgt dus pas nadat het programma is vastgesteld.
Meer informatie
- Juridische impactanalyse uitvoeringsplan als programma (pdf), opgesteld door adviesbureau AT Osborne
- Kenmerken van een uitvoeringsplan