“Zorg dat je als gemeente vroegtijdig specialisten betrekt”
De gemeente Apeldoorn stelde een Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) op. Dit ter voorbereiding op de plan-milieueffectrapportage (plan-MER) voor haar warmteprogramma. De Apeldoornse context goed in beeld krijgen, bleek de grootste uitdaging. Rick Hamerling, junior projectleider gemeente Apeldoorn: “Zorg dat je als gemeente vroegtijdig de juiste specialisten betrekt, want een NRD raakt meerdere disciplines binnen de gemeente."
Toelichting bij deze afbeelding
Geleerde lessen
- Ga niet zelf het wiel uitvinden. Vertaal de opzet van eerder opgestelde NRD’s van andere gemeenten naar de specifieke context van jouw gemeente.
- Betrek zowel interne als externe specialisten vroegtijdig om de lokale context goed in beeld te krijgen.
- Zorg voor een gedragen MER: betrek onder andere bewoners, waterschappen, de GGD en andere stakeholders bij de toetsing van de NRD.
- Laat de Commissie mer advies uitbrengen op de NRD.
- Maak voor het MER gebruik van de modelrapportage en andere producten van het NPLW.
Gemeente Apeldoorn ziet de NRD als een belangrijke eerste stap in de richting van de mer. Rick: “In de NRD geven we aan hoe we de mer willen uitvoeren voor de gemeente Apeldoorn. We geven in de NRD aan welke alternatieven voor aardgas we willen onderzoeken en op basis van welke milieuthema’s. Deze worden in de mer onderzocht. De resultaten gebruiken we als hulpmiddel om milieubelangen zorgvuldig af te wegen bij de keuzes die we maken binnen het warmteprogramma.”
Apeldoornse context
Voor het warmteprogramma onderzoekt de gemeente Apeldoorn 7 warmteoplossingen als alternatief voor aardgas. Het gaat om individuele en collectieve oplossingen, waaronder individuele elektrische warmtepompen (lucht-, bodem- en waterwarmtepompen) en collectieve warmtenetten met lage- en middentemperatuurbronnen. Janine Buijs, projectleider warmteprogramma bij de gemeente Apeldoorn: “Er zijn nog meer technische mogelijkheden om van het gas af te gaan, maar voor de bestaande bouw in onze gemeente zijn dit de meest kansrijke oplossingen.”
Bij het opstellen van de NRD besloot de gemeente niet zelf het wiel uit te vinden. Rick: “We hebben de opzetten van NRD’s van andere gemeenten als voorbeeld genomen en deze ingevuld en vertaald naar de Apeldoornse context.” Zo zijn er binnen de gemeente mogelijkheden voor unieke warmteoplossingen zoals aquathermie, ondiepe geothermie en duurzame warmte uit een rioolzuiveringsinstallatie.
Werken aan een gedragen MER
Voor het verzamelen van informatie voor de NRD betrok de gemeente zowel interne als externe deskundigen. Zo leverden binnen de gemeente onder andere een adviseur warmtenetten en een senior adviseur energietransitie input. Rick: “Daarnaast hebben we de NRD laten toetsen door een jurist.” Ook bewoners konden reageren op de NRD. Dat leverde 1 zienswijze op waarin onder andere aandacht werd gevraagd voor de effecten van netcongestie. Rick: “Dit aandachtspunt nemen we mee in de mer.”
Ook bij het opstellen van de mer is participatie een belangrijk onderdeel van het proces. Zo organiseert de gemeente dialoogtafels waarbij inwoners en gemeenteambtenaren met elkaar in gesprek gaan. Rick: “We willen graag dat de mer en het warmteprogramma passen bij onze inwoners. Daarom betrekken we zoveel mogelijk stakeholders, waaronder natuurlijk onze bewoners, maar ook de GGD en waterschappen.”
Hoewel advies van de Commissie mer bij een NRD niet verplicht is, koos Apeldoorn er bewust voor om dit traject wel te doorlopen. Rick: “Omdat wij de NRD zelf hebben opgesteld, wilden we graag een onafhankelijk advies van experts. De Commissie adviseerde ons onder andere om uitgebreider toe te lichten hoe we omgaan met koeling en netcongestie.”
De lokale context scherp krijgen
Voor Janine en Rick was het goed in beeld krijgen van de lokale context een van de grootste uitdagingen bij het opstellen van de NRD. Janine: “Voor een plan-MER bestaat een duidelijke werkwijze en er is een handreiking beschikbaar. De uitdaging zit vooral in het vertalen daarvan naar je eigen gemeente.” Zo zijn er binnen de gemeente Apeldoorn verschillende afdelingen die zich bezighouden met onderwerpen die raken aan de energietransitie. Daarnaast is er een nieuwe coalitie en brengt dit andere beleidsprioriteiten met zich mee. Rick: “Betrek relevante specialisten binnen je gemeente vroegtijdig. Denk aan ecologen, stikstofexperts, stedenbouwkundigen, juristen, mobiliteit, de omgevingsdienst, communicatieadviseurs en uiteraard experts op het gebied van de energietransitie.”
Een andere uitdaging was het bepalen welke warmtebronnen wel en niet meegenomen moesten worden in de mer. Janine: “Van sommige bronnen weten we nog niet of ze uiteindelijk toepasbaar zijn, maar we moeten ze wel onderzoeken. Ondiepe geothermie is daar een goed voorbeeld van. We zien kansen, maar weten nog niet precies wat de milieueffecten zijn en of toepassing daadwerkelijk mogelijk is.”
Het MER toegankelijker maken
Omdat de gemeente zelf niet over voldoende capaciteit en expertise beschikt, laat zij het MER opstellen door een extern adviesbureau. Daarbij wordt grotendeels gebruikgemaakt van de modelrapportage van het NPLW. Janine: “We vinden het belangrijk dat gemeenten van elkaar leren. Standaardisatie helpt daarbij. Bovendien wordt het voor de Commissie mer gemakkelijker om rapportages te beoordelen als deze op een vergelijkbare manier zijn opgebouwd.”
Tegelijkertijd onderzoekt de gemeente samen met het adviesbureau hoe het MER eenvoudiger en toegankelijker kan worden gemaakt. Janine: “Een praktisch voorbeeld is het vereenvoudigen van de typering van straatbreedtes voor geluidsonderzoek. Daardoor kunnen we op basis van de typeringen al conclusies trekken, zonder elke straat afzonderlijk te onderzoeken.” De gemeente ziet vereenvoudiging als een belangrijke stap. Janine: “We willen dat het MER niet alleen zorgvuldig is, maar ook begrijpelijk en bruikbaar voor iedereen die ermee werkt.”
Contact
- Janine Buijs, j.buijs@apeldoorn.nl
- Rick Hamerling, rick.hamerling@apeldoorn.nl