Toegankelijkheidslinks Ga naar de hoofdinhoud
NPLW Logo. Nationaal Programma Lokale Warmtetransitie
Helpdesk

Gedragsverandering en het activeren van woningeigenaren

Veel woningeigenaren staan open voor het verduurzamen van hun woning. Toch blijkt de stap van bereidheid naar actie groot. De belangrijkste belemmeringen liggen bijna nooit bij techniek of beschikbare regelingen, maar bij gedrag. Verduurzaming voelt voor veel bewoners niet urgent, is complex en vraagt in hun beleving veel tijd, keuzes en uitzoekwerk. Dit leidt vaak tot uitstel.

Inzicht in het gedrag van bewoners helpt om te begrijpen waarom ze wel of niet in actie komen. Door je te verdiepen in gedragspsychologie kun je als gemeente informeren, begeleiden en ondersteunen op een manier die beter aansluit bij bewoners.

De stille meerderheid: verduurzaming heeft geen prioriteit

In vrijwel elke gemeente is een beperkte groep woningeigenaren actief bezig met verduurzaming. Zij zoeken zelf informatie en maken gebruik van subsidies en ondersteuning. De grootste opgave ligt bij de brede middengroep: woningeigenaren die niet tegen verduurzaming zijn, maar er vooral niet actief mee bezig zijn. Uit gesprekken met gemeenten komen daarbij een aantal terugkerende patronen naar voren:

  • verduurzaming voelt niet urgent door andere zorgen, zoals werk, gezondheid of financiën;
  • bewoners hebben vaak het idee dat zij al voldoende hebben gedaan, terwijl verdere verbetering mogelijk is door meerdere maatregelen toe te passen;
  • verduurzaming wordt ervaren als een grote en ingrijpende stap met veel keuzes en onzekerheden. Het vraagt, gevoelsmatig, veel van de bewoner.

Deze patronen maken duidelijk dat een aanpak nodig is die drempels verlaagt en bewoners helpt om te starten.

Doenvermogentoets warmtetransitie

Hoe zorg je ervoor dat iedere bewoner, ook mensen in een kwetsbare positie, mee kan doen aan de warmtetransitie? Meer weten? Meld je dan nu aan voor het Webinar: Doenvermogentoets warmtetransitie – hoe maak je het uitvoerbaar voor iedereen? En bekijk de Handreiking Doenvermogentoets Warmtetransitie.

Gedragsinzichten als basis voor effectieve aanpakken

Gedragsverandering ontstaat niet vanzelf, zeker niet bij complexe onderwerpen zoals het isoleren van je woning of het installeren van een warmtepomp. Onderzoek van NPLW en gedragsbureau Duwtje laat zien dat bij succesvolle gemeentelijke aanpakken steeds deze 4 uitgangspunten terugkomen:

Communiceer voordelen en gebruik begrijpelijke taal

Woorden als aardgasvrij, duurzaamheid of klimaat kunnen onbedoeld weerstand oproepen, omdat het voelt als iets dat opgelegd wordt. Wat kun je hiertegen doen?

  • communiceer de voordelen die morgen voelbaar zijn: lagere maandlasten, minder tocht, een warmer huis;
  • samenwerken met lokale en vertrouwde partijen;
  • transparant zijn over het proces en gemaakte keuzes;
  • een frisse huisstijl en lokale gezichten die aansluiten bij de beleving van bewoners.
Voorkom weerstand met kleine stappen

Voor veel bewoners voelt verduurzaming als een grote opgave. Dit kan leiden tot uitstelgedrag, waarbij niets doen psychologisch de veiligste keuze lijkt. Gemeenten die dit doorbreken, kiezen bewust voor een stap-voor-stapaanpak. Elk stapje vergroot het gevoel van voortgang. Mensen krijgen het gevoel van controle terug en dit maakt vervolgstappen waarschijnlijker.

Effectieve onderdelen van deze aanpak zijn:

  • starten met laagdrempelige en overzichtelijke acties, zoals radiatorfolie plakken, kierdichting of een warmtescan;
  • storytelling inzetten. Geef met filmpjes, ervaringen van bewoners en foto’s van energiecoaches een concreet beeld van elk stapje en wat het oplevert. Dit vermindert onzekerheid en de stap voelt minder groot;
  • duidelijkheid bieden over vervolgstappen zonder alles tegelijk te vragen. Wie eenmaal begint gaat eerder door, als de vervolgactie ook overzichtelijk is. Dat komt doordat kleine toezeggingen een goed gevoel geven.
Persoonlijke benadering werkt beter dan algemene informatievoorziening

Informatie alleen is vaak onvoldoende om bewoners in beweging te krijgen. Persoonlijke begeleiding verlaagt zowel de ervaren complexiteit als het gevoel van risico.

In de praktijk blijkt begeleiding effectiever wanneer:

  • bewoners een vast en herkenbaar aanspreekpunt hebben;
  • gemeenten samenwerken met lokale partners, zoals energiecoöperaties of welzijnsorganisaties. Lokale gezichten worden geaccepteerd als onafhankelijke helpers;
  • keuzes samen worden besproken;
  • ondersteuning wordt geboden bij vervolgstappen, zoals offertes en regelingen;
  • het contact niet stopt na het eerste gesprek.

Door bewoners te ontzorgen, neemt de kans toe dat zij daadwerkelijk stappen zetten.

Sociale beïnvloeding en de rol van de buurt

Sociale beïnvloeding kan bijdragen aan gedragsverandering, maar werkt niet in elke context hetzelfde. Een collectieve buurtaanpak is vooral effectief wanneer er al sprake is van sociale samenhang.

Onderzoek laat zien dat bewoners vooral gedrag overnemen van anderen die binnen 50 meter afstand wonen. Het delen van verhalen uit de buurt en het zichtbaar maken van bewoners die maatregelen hebben genomen in vergelijkbare woningen kan twijfelaars over de streep helpen.

Een buurtaanpak werkt het best wanneer:

  • de buurt al sociaal verbonden is;
  • het initiatief kleinschalig (straat of huizenblok) en concreet blijft;
  • bewoners elkaar herkennen en aanspreken.

In buurten met weinig sociale cohesie is een persoonlijke benadering, bijvoorbeeld door energiecoaches, vaak effectiever.

Leren en bijsturen

Er bestaat geen vaste aanpak die overal werkt. Wat effectief is in de ene wijk, werkt niet automatisch in een andere context. Gemeenten die vooruitgang boeken, testen interventies op kleine schaal, leren van ervaringen en sturen bij.

Door gedragsinzichten structureel te integreren in beleid en uitvoering, ontstaat stap voor stap een aanpak die bewoners daadwerkelijk in beweging brengt.

Meer informatie